Aan de hand van een voorbeeld – zoals Byron Katie dat zelf ook doet - neem ik je stap voor stap mee in The Work. Als voorbeeld neem ik een statement dat een van mijn cliënten ooit aandroeg tijdens een sessie. Gefrustreerd vertelde hij me hoe hij zich een vreemde begon te voelen voor zijn medewerkers en dat hij zich steeds meer terug ging trekken.
Aanleiding van dit gedrag was gebaseerd op de gedachte: ‘mijn medewerkers moeten mij meer waarderen’.
1. Is het waar? (Is het waar dat medewerkers jou niet voldoende waarderen)?
Client: ‘Ja! Als ik ze iets vraag reageren ze afstandelijk. Wanneer ik ze complimenteer reageren ze nauwelijks, maar wanneer ik iets vergeet te regelen laten ze ineens van zich horen. Er is geen animo voor een vrijdagmiddagborrel en ik voel geen verbinding op de werkvloer tussen mij en mijn medewerkers. Dat is mijn bewijs: ze zouden moeten inzien dat ik het beste met hun voor heb en me om die reden moeten ze meer waarderen.’
2. Kun je absoluut zeker weten dat het waar is?
(Mijn client kijkt mij nu met hele grote ogen aan.)
Client: ‘Euh, ja, ik vind dat waardering op z’n minst geplaatst is. Alles wijst erop dat ze me niet waarderen.’
Ik: ‘Oké, maar kun je zeker weten dat ze je niet voldoende waarderen? Kun je echt in hun hoofd kruipen en hun gevoel lezen? Is hun lichaamstaal of hun manier van spreken oprecht de ultieme bewijslast voor het feit dat ze je niet waarderen? Kun je echt zeker weten dat als ze zaken anders deden, jij je meer gewaardeerd zou voelen? Daarbij: is het feit dat je medewerkers je niet voldoende waarderen werkelijk de oorzaak van jou pijn? En, nog een laag dieper: we leven in nu eenmaal in een wereld waarin medewerkers hun baas soms niet waarderen. Móeten ze je écht waarderen?’
Wat hier is gebeurd: mijn client heeft een label geplakt op de realiteit. De realiteit is hier dat zijn medewerkers reageren zoals ze dat doen. Zoals de zon overdag schijnt en een vis zwemt, zo waar is het dat zijn medewerkers reageren zoals ze doen. Alleen dit is de oprechte, neutrale waarheid, of je het er nu mee eens bent of niet. Het is een feit waar we geen controle op kunnen uitoefenen. Zijn interpretatie op de realiteit is echter dat zijn medewerkers hem niet waarderen, uitgaande van zijn eigen overtuiging dat medewerkers hem moeten waarderen. Dat zijn totaal verschillende zaken. Toen mijn client zich realiseerde dat zijn gedachte op de realiteit slechts zijn projectie was en niet de waarheid op zich, kwam er ruimte voor verder onderzoek.
3. Hoe reageer je als je die gedachte denkt? (Kun je een reden bedenken om deze gedachten los te laten, of, kun je één stressvrije gedachte vinden om de gedachte vast te houden)?
Client: ‘Ik voel boosheid omdat het niet eerlijk is. Ik voel me onzeker als ik bij ze ben omdat ze me het gevoel geven dat ik het niet goed doe. Ik trek me vervolgens steeds meer terug op kantoor en ben minder op de werkvloer aanwezig. Ik ben terughoudend wanneer ik denk dat mijn medewerkers me niet waarderen en heb geen plezier in mijn werk’.
Het is dus helder dat de gedachte, gecombineerd met overtuigingen, zorgen voor een slecht gevoel. Dit beïnvloedt zowel zijn werkprestaties als de relatie met zijn medewerkers, en heeft een impact op zijn persoonlijke leven.
4. Wie zou je zijn zonder die gedachte?
Client: ‘Ik weet het niet. Ik denk dat ik me vrijer zou voelen. Dat ik meer van mijn werk zou kunnen genieten. Ik zou me gelukkiger voelen. Pro-actiever en meer resultaatgericht. Ik zou me meer verbonden voelen.’
Onbewust laten we onze eigen gedachten, die we projecteren op de realiteit, onze ‘staat van zijn’ beïnvloeden. Gedachten worden gevormd in meningen waar vervolgens acties uit voortkomen. Het resultaat is uiteindelijk een gevolg van jouw denken, of beter gezegd: hoe je omgaat met je eigen denken. (Meer hierover in mijn eerdere blog: Interne Wereld Dialoog).
De omkering
De omkering is het krachtigste onderdeel van The Work. Hierbij keer je het oordeel dat je eerder had om naar jezelf, een ander of tegenovergestelde. Bovenstaand voorbeeld kan op drie verschillende manieren worden omgedraaid om een ander inzicht te verkrijgen:
1. Ik moet mezelf waarderen. Dat is mijn taak, niet de verantwoordelijkheid van mijn team. (De omkering is naar mezelf: waardering begint bij jezelf. Als je jezelf niet waardeert, kun niet van je team verwachten dat ze jou waarderen).
2. Ik moet mijn team waarderen. Als ik van iemand waardering verwacht, moet ik het ook terug kunnen geven. Geef ik daadwerkelijk waardering aan mijn team? (De omkering naar de ander).
3. Ik heb geen waardering nodig. Ik word gewaardeerd, of ik word niet gewaardeerd. Daar zit niets tussenin. (Het tegenovergestelde stellen van datgene wat je overtuiging was).